Mozes en Pinksteren

In dit hoofdstuk wil ik gedetailleerder kijken wat Paulus precies schrijft over de sluier van Mozes. Via Mozes komen we hiermee namelijk uit bij de kern van het Nieuwe Verbond. En het onderwerp van dit boek blijkt daarbij een centrale rol te spelen.

De kern van Pinksteren

In het vorige hoofdstuk (Mozes’ gezicht straalt), zagen we in feite hoe Paulus de kern van de Pinksterboodschap beschrijft in contrast met het Oude Verbond. Ons geloof is in eerste instantie niet een kwestie van het ‘belijden van de juiste dingen’, en ook niet van het leiden van een voorbeeldig leven. Dat was de insteek van het Oude Verbond, een ‘dienst van letters in steen gegraveerd’, 2 Kor. 3:7.

Paulus beschrijft het Oude en Nieuwe Verbond in zijn inleiding als volgt:

Hij heeft ons geschikt gemaakt om het nieuwe verbond te dienen: niet het verbond van een geschreven wet, maar dat van zijn Geest. Want de letter doodt, maar de Geest maakt levend.

2 Korinthe 3:6

Vervolgens stapt Paulus in 2 Kor. 3:7 over van de vertrouwde term verbond naar de term dienst (bediening in de NBG). Hij maakt eerst een uitgebreide contraststudie tussen de dienst van de letter (Oude Verbond) ten opzichte van de dienst van de Geest (Nieuwe Verbond).

In contrast met de dienst van de letter, mogen wij leven door, en genieten van ‘de dienst die de Geest brengt’, 2 Kor. 3:8. Zoals we in het vorige hoofdstuk zagen benadrukt Paulus op allerlei manieren in 2 Kor. 3:7-18 dat ons contact met God in principe eindeloos veel heerlijker en indrukwekkender is dan de glans van Gods luister zoals de Israëlieten die mochten meemaken door naar Mozes’ gezicht te kijken:

De luister van toen is niets in vergelijking met de overweldigende luister van nu.

2 Korinthe 3:10

De kern van ons geloof onder het Nieuwe Verbond is niet zozeer ‘de juiste dingen geloven en de juiste dingen doen’ maar: leven voor, met en door het directe contact met God. Dit is mogelijk gemaakt door de inwoning van de Geest. We zagen in het vorige hoofdstuk hoe Paulus dit prachtig beschrijft In 2 Kor. 3:

‘Maar,’ staat er, ‘telkens als iemand zich tot de Heer wendt, wordt de sluier weggenomen.’ 17 Welnu, met de Heer wordt de Geest bedoeld, en waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid. 18 Wij allen die met onbedekt gezicht de luister van de Heer weerspiegeld zien, zullen door de Geest van de Heer meer en meer naar de luister van dat beeld worden veranderd.

2 Korinthe 3:16-18

Het Griekse werkwoord dat hier weergegeven is met ‘weerspiegeld zien’ kan op twee manier vertaald worden:

  1. een weerspiegeling zien, IN een spiegel kijken dus,
    of:
  2. een weerspiegeling zijn, eigenlijk dus zelf een spiegel ZIJN.

Interessant genoeg blijkt Paulus beide betekenissen in gedachten te hebben! In bovenstaand vers 18 volgens de NBV wordt verondersteld dat Paulus de eerste betekenis bedoelt: wij mogen een weerspiegeling zien van de luister van God zoals de Israëlieten Gods luister weerspiegeld zagen op het gezicht van Mozes.  Maar als je de hele zin uitleest dan lijkt de NBG vertaling hier meer voor de hand te liggen:

En wij allen …, de heerlijkheid des Heren weerspiegelen, …

2 Korinthe 3:18, NBG

De NBG veronderstelt dus de tweede mogelijke vertaling: we mogen zelf een spiegel ZIJN en Gods luister weerspiegelen naar anderen.

We zullen straks in 2 Kor. 4 zien dat Paulus daarnaast zeker ook de eerste betekenis van weerspiegelen in gedachten heeft. Maar laten we eerst even bij 3:18 blijven, maar dan dus volgens de NBG vertaling:

En wij allen, die met een aangezicht, waarop geen bedekking meer is, de heerlijkheid des Heren weerspiegelen, veranderen naar hetzelfde beeld van heerlijkheid tot heerlijkheid, immers door de Here, die Geest is.

2 Korinthe 3:18, NBG

Dit is de kern van Pinksteren! Regelmatige blootstelling aan het licht van Gods luister en heerlijkheid, open contact mogelijk gemaakt door de Heilige Geest. Als we dat echt in praktijk gaan brengen zal dat een diepgaande uitwerking blijken te hebben in de dagelijkse levenspraktijk.  De regelmatige blootstelling aan Gods luister en heerlijkheid zal onszelf gaan veranderen ‘naar hetzelfde beeld van heerlijkheid tot heerlijkheid’ (NBG). Of in de woorden van de NBV: ‘we worden meer en meer naar de luister van dat beeld veranderd’.

Wat een boodschap en wat een praktische impact op ons dagelijks leven wordt hier beschreven! En wat jammer dat we dit soms zo slecht herkennen in praktijk. De reden daarvan is heel simpel. Dit werkt namelijk alleen voor zover er ‘op ons aangezicht geen bedekking meer is’, zie de eerste helft van vers 18. In heel dit gedeelte gebruikt Paulus de sluier van Mozes als beeld. In het grootst mogelijke contrast is die sluier een beeld van geloof of ongeloof. Ongeloof door verharding (verstarring) van het denken, 3:14. Of in andere woorden door ‘verblinding door de god van deze eeuw’ (4:4) waardoor de ongelovige niet in staat is om het heerlijke licht van het evangelie te zien.

De praktijk van ons leven

Maar in praktijk is het niet zo zwart/wit als hier door Paulus geschetst. Die versluiering, die verstarring van het denken, die blindheid, of hoe je het ook maar noemen wilt, kan ook gedeeltelijk een rol spelen in het leven van een gelovige! Elke gelovige die zich gevangen laat nemen door de drukte van het leven zodat er geen tijd en rust meer is om dagelijks te baden in het licht van Gods luister heeft hiermee te maken. Als de hunkering naar de rustige omgang van God, zoals we bij Mozes zagen, weg is, hebben we toch weer met die gedeeltelijke versluiering te maken. Of misschien heb je dat kijken naar Gods licht, die verliefdheid op Hem, zelfs nooit meegemaakt en is heel dit onderwerp nieuw en onbekend terrein voor je.

Eerlijk gezegd vind ik het griezelig om te beseffen hoe gemakkelijk we de kern van het Nieuwe Verbond, de dienst van de Geest missen… We vatten de nadruk van Paulus op het zien van Gods luister, nadat de sluier is weggedaan, gemakkelijk op als ‘begrijpen en erkennen van de waarheid van het evangelie’. En dat is zeker een belangrijk aspect. Paulus vertaalt de sluier niet voor niets met ‘verstarring van het denken’. Maar goed beschouwd is de aanleiding van deze hele geschiedenis het diepe verlangen van Mozes om Gods majesteit van dichtbij mee te maken. Diep verlangen naar nog intiemer contact met God dus, terwijl Mozes daar al zo rijk in gezegend was. De sleutelgedachte in deze hele passage van Paulus over het Nieuw Verbond, de dienst van de Geest is: net als Mozes van heel dichtbij de luister van Gods heerlijkheid meemaken. Dat is dus eindeloos veel meer dan ‘begrijpen en erkennen van de waarheid van het evangelie’. Het Nieuwe Verbond is pas echt ‘dienst van de Geest’ als een gelovige niet alleen weet dat hij vrij toegang heeft tot de Vader, maar als hij regelmatig intensief, dankbaar en hunkerend gebruik maakt van die vrije toegang tot de Vader door de Geest!

Dan pas gaan we de uitwerking van het Nieuwe Verbond in ons dagelijks leven merken. Paulus beschreef het al kort in het laatste vers van 2 Kor.  3:18: ‘we worden meer en meer naar de luister van dat beeld veranderd’.

Zie je hoe mooi Paulus aangeeft dat het een proces is? Verwacht geen spectaculaire gevolgen van de ene dag op de andere. In plaats daarvan elke dag een beetje! Je zou kunnen zeggen dat de blootstelling aan Gods heerlijke luister beetje bij beetje op ons afwrijft, of vind je dat raar klinken?

In 2 Kor. 4 gaat Paulus verder over dit thema, maar dan past hij het heel persoonlijk toe op zichzelf. Hij had namelijk een behoorlijk conflict met de gemeente in Korinthe. Na de indrukwekkende bekering van talrijke ‘heidenen’ (niet-Joden), waren Joodse gelovigen zich met de gemeente gaan bemoeien. Zij beweerden dat de heidense gelovigen zich aan de hele wet van Mozes moesten gaan houden, inclusief de besnijdenis. Dat ging dwars tegen het onderwijs van Paulus in en ze maakten hem daarom telkens zwart bij de gemeenteleden. Dit prachtige stukje uitleg over de kern van het evangelie is eigenlijk onderdeel van een lange verdediging van Paulus over zijn integriteit. Je leest daar iets van in de eerste verzen van hoofdstuk 4. In 4:6 beschrijft Paulus dan weer de extreme kracht van het Nieuwe Verbond, de ‘dienst van de Geest’:

Want de God die heeft gezegd: ‘Uit de duisternis zal licht schijnen,’ heeft in ons hart het licht doen schijnen om ons te verlichten met de kennis van zijn luister, die afstraalt van het gezicht van Jezus Christus.

2 Korinthe 4:6

Paulus verwijst hier naar de allereerste scheppingsdaad van God: ‘Daar zij licht’. De aarde veranderde door dat scheppingswoord van ’woest en ledig’ naar een kleurrijke schepping waarvan ‘God zag dat het zeer goed was’. Diezelfde transitie mag elk mens meemaken die zich dagelijks gaat baden in dat heerlijke licht van God. ‘Om ons te verlichten met de kennis van zijn luister’ wil zeggen, dat we de luister van dat licht ook echt gaan opzoeken en leren kennen door het van dichtbij mee te maken tijdens onze intieme omgang met God. In theorie belijden is mooi, maar waar God op wacht is dat we het in de praktijk van het dagelijkse leven gaan ervaren. En vervolgens zien we hoe Paulus nadrukkelijk hier die tweede mogelijke vertaling van ‘weerspiegelen’ gebruikt: het gaat er hier niet zoals in 3:18 om dat we zelf een spiegel ZIJN van Gods licht, maar dat wij kijken ‘IN de spiegel’ om Gods luister te zien via het beeld op ‘het gezicht van Jezus Christus’. Niet Mozes is de spiegel van Gods luister door zijn stralende gezicht, maar Christus! Zo komen we weer uit op de belangrijke vaststelling dat Jezus de Poort is tot de Vader. Hij is de spiegel van Gods beeld en luister. Wie echt met aandacht naar Jezus ‘kijkt’ ziet de Vader in al zijn heerlijkheid! Dat kijken naar ‘de spiegel van Jezus’ gezicht’ moet dus een belangrijk aspect van ons gebedsleven worden. Ik kom daar straks nog op terug.

De praktijk van Paulus’ leven

Ik schreef het net al: eigenlijk is dit prachtige gedeelte onderdeel van een lange verdediging van Paulus ten opzichte van de Joodse tegenstanders die hem zwart maakten. Daarom leest dit gedeelte ook redelijk lastig. Er liggen in feite twee ‘lagen’ over elkaar heen: de verdediging van Paulus en de essentie van het Nieuwe Verbond, beide lagen gebaseerd op het stralende gezicht van Mozes als gevolg van zijn intense blootstelling aan Gods luister. Zoals het stralende gezicht van Mozes een ‘keurmerk van echtheid’ was en duidelijk liet zien dat hij de woorden van God niet uit zijn duim zoog, zo laat Paulus in 2 Kor. 4: 7-17 zien dat de praktische gevolgen van zijn eigen intieme omgang met de luister van de Zoon en de Vader een keurmerk zijn van zijn betrouwbaarheid:

Maar wij zijn slechts een aarden pot voor deze schat; het moet duidelijk zijn dat onze overweldigende kracht niet van onszelf komt, maar van God.

2 Korinthe 4:7

Let er allereerst eens op hoe Paulus zijn intieme omgang met Vader en Zoon door de Geest, omschrijft als ‘deze schat’. Het is het mooiste en meest waardevolle dat een mens kan bezitten. Koester jij het ook zo? Van zichzelf is Paulus maar een eenvoudige, ‘aarden pot’. Maar de schat in die ordinaire aarden pot blijkt een overweldigende kracht te hebben in de praktijk van het leven.

Het is niet niks wat Paulus hier over zichzelf getuigt: overweldigende kracht! Vanuit het Grieks nog sterker en mooier dan deze krachtige Nederlandse vertaling. Kracht in het Grieks is dynamis, waar ons woord dynamiet van is afgeleid. Maar dan niet zomaar standaard dynamiet. Het Griekse woord voor overweldigend is hyperbool, dat wil zeggen in de sterkst mogelijke overtreffende trap. Super dynamiet dus, de aller krachtigste springstof die er te vinden is.

Lees hoe Paulus de praktische invloed van die schat beschrijft in zijn eigen leven en bediening:

We worden van alle kanten belaagd, maar raken niet in het nauw. We worden aan het twijfelen gebracht, maar raken niet vertwijfeld. 9 We worden vervolgd, maar worden niet in de steek gelaten. We worden geveld, maar gaan niet te gronde. 10 We dragen in ons bestaan altijd het sterven van Jezus met ons mee, opdat ook het leven van Jezus in ons bestaan zichtbaar wordt. 11 Voortdurend worden wij levenden omwille van Jezus aan de dood prijsgegeven, opdat in ons sterfelijke bestaan ook het leven van Jezus zichtbaar wordt.

2 Korinthe 4:8-11

Zie je hoe mooi Paulus van zichzelf getuigt dat het licht en leven van Jezus’ luister op hem ‘afwrijft’ doordat hij dagelijks zijn kostbaarste schat koestert? Wat een indrukwekkend getuigenis als je onder zo’n voortdurende stress en vervolging het zicht op Jezus vast blijft houden, en zelfs het positieve van al die ellende kunt inzien! Wat een super dynamiet!

En even later:

Daarom verzaken wij onze plicht niet, want ook al gaat ons uiterlijke bestaan verloren, ons innerlijke bestaan wordt van dag tot dag vernieuwd. 17 En de geringe last die we tijdelijk te dragen hebben, brengt ons een eeuwige luister, die alles omvat en alles overtreft.

2 Korinthe 4:16-17

Al die stress en fysieke moeilijkheden eisen hun tol, ook bij Paulus: ‘ons uiterlijke bestaan gaat verloren’. Uiteindelijk stierf de apostel zelfs voor het evangelie…

Maar het dagelijks baden in de luister van God heeft hem geleerd om zijn lichamelijke ongemakken, ellende en verdrukking sterk te relativeren: Paulus ervaart het slechts als een ‘geringe last die hij tijdelijk te dragen heeft’. Het stelt niets voor in vergelijking met de uitwerking en het eindresultaat ervan. Het produceert iets belangrijks en moois: ‘het brengt een eeuwige luister, die alles omvat en alles overtreft’. Het woord luister is duidelijk de rode draad in dit hele gedeelte. Maar omdat Paulus het hier plotseling heeft over ‘eeuwige luister’ kunnen we vermoeden dat Paulus nu een heel nieuw aspect aankaart. Dat zie je ook aan het feit dat dat die eeuwige luister nog in de toekomst ligt: het moet nog ‘gebracht’ worden. De focus verschuift hier dus van het hier en nu naar onze eeuwige toekomst. Maar het toekomstige karakter van die eeuwige luister is voor Paulus geen reden om dat hele idee dan maar te parkeren voor later. Integendeel, het blijkt juist het grootste geheim te zijn van zijn schat-in-aarden-pot:

Wij richten ons niet op de zichtbare dingen maar op de onzichtbare, want de zichtbare dingen zijn tijdelijk, de onzichtbare eeuwig.

2 Korinthe 4:18

Is deze mentale instelling van Paulus, het gericht zijn op de onzichtbare dingen, nou het resultaat van de schat van Paulus? Of is het misschien een nieuwe omschrijving van de essentie van die schat? Ik durf geen antwoord op deze vraag te geven. Ik weet wel dat in ons moderne jachtige Westerse leventje zowel het dagelijks rustig genieten van Gods luister als ook het ‘gericht zijn op de onzichtbare, eeuwige dingen’ gemakkelijk hand in hand het onderspit delven. Ik schreef het al eerder in dit boek: het echt gericht zijn op de eeuwige heerlijke toekomst, de essentie van onze Christelijk hoop, is grotendeels zoekgeraakt in de praktijk van onze geloofsbeleving. Als het al ter sprake komt schakelen we zo snel mogelijk terug naar het hier en nu, alsof die hoop niet relevant zou zijn voor het nu. Niet gaan zweven of dagdromen is dan de boodschap. Blijf met beide benen op de grond staan… Voor Paulus was dat dus precies andersom: voor hem was zijn dagelijkse gerichtheid op het beleven van de luister van God tegelijkertijd een gerichtheid op de ‘dromen van God’ om het zo maar eens te zeggen. Hij zag samen met de Vader en de Zoon hunkerend uit naar de volmaking van Gods reddingsplan voor deze wereld.

Als geadopteerde erfgenaam van de Vader droomt Paulus volop met de Vader mee over de uiteindelijk volmaakte toekomst van zijn erfdeel.

In het vervolg van hoofdstuk 5 beschrijft Paulus hoe hij daar zo naar verlangt, dat hij met plezier zijn huidige aardse leven zou inruilen voor het eeuwig en volmaakte genieten van Gods aanwezigheid. Maar zijn plichten en verantwoordelijkheden in het hier en nu trekken zeker ook aan hem. Hij schrijft letterlijk dat hij niet weet wat hij moet kiezen…

Handvaten voor onze gebedspraktijk

Dit hoofdstuk brengt ons zodoende op twee belangrijke praktische handvaten voor het invullen van onze kostbare intieme tijd met God:

  1. Intiem met God omgaan mag zijn: genieten van de weerspiegeling van al Gods goedheid in het ‘gezicht van zijn Zoon’. Kijken naar Jezus dus, en al kijkend, genieten van Jezus en van de Vader. De evangeliën geven ons niet voor niets zoveel heerlijke voorbeelden van Jezus’ zorgzame en liefdevolle karakter en optreden. Maar zijn woorden schetsen ook zo’n prachtig beeld van de Vader. Sta bijvoorbeeld eens rustig stil bij het beeld van de Vader zoals dat spreekt uit de gelijkenis van de verloren zoon. Als je dit soort ‘kijken naar Jezus’ niet kent als vorm van intiem gebed, ga het dan leren. De Geest wil je hier zeker bij helpen. Het is uiteindelijk zijn diepste verlangen en doel!

  2. Intiem met God omgaan mag ook zijn: je verheugen op de volmaakte en heerlijke toekomst waar God al sinds de zondeval naar toewerkt. Dat is, tijdens je gebed gericht zijn op de onzichtbare en eeuwige dingen waar Paulus over schrijft. Voed dit verlangen bewust tijdens je gebedsmomenten. Lees erover in Gods Woord. Mediteer over wat je dan leest. Herhaal regelmatig het laatste gebed in de Bijbel: ‘Kom Here Jezus, kom spoedig want ik verlang zo naar U’. Alle pijn en ellende zal dan verleden tijd zijn. De schepping zal volmaakt hersteld worden zoals God het bedoeld heeft. Maar bovenal: we mogen dan volmaakt, rechtstreeks en voortdurend, genieten van de luister van God zelf. Er zal uiteindelijk geen tempel meer nodig zijn. De zon zal niet meer nodig zijn want alles en iedereen mag dan voortdurend baden in het heerlijke licht van de luister van Vader en Zoon:

De straten van de stad waren van zuiver goud en schitterden als glas. 22 Maar een tempel zag ik niet in de stad, want God, de Heer, de Almachtige, is haar tempel, met het lam. 23 De stad heeft het licht van de zon en de maan niet nodig: over haar schijnt Gods luister, en het lam is haar licht. 24 De volken zullen in haar licht leven en de koningen op aarde brengen daar hun eerbewijzen. 25 De poorten zullen overdag nooit gesloten worden, en nacht zal het er niet meer zijn.

Openbaring 21:21-25

Zie je hoe baden in het schijnsel en licht van Gods luister een eeuwig thema blijkt te zijn? Nogmaals een aanwijzing dat we hier de absolute kern van Pinksteren en het Nieuwe Verbond te pakken hebben! We zullen dan in staat zijn om voortdurend van aangezicht tot aangezicht van God te genieten. Een miljoen keer heerlijker dan wat Mozes meemaakte.

Ik schreef hier veel meer over in mijn boek Ontdek je erfdeel!

Draai de knop om

Terwijl ik dit hoofdstuk schrijf werden zeventien zonnepanelen op mijn dak gelegd. En er werd een omvormer op zolder geïnstalleerd. Die moet de gelijkstroom van de panelen omzetten naar netstroom zodat ik er ook iets aan heb. Die omvormer is net via een forse schakelaar in principe aangesloten op mijn meterkast. Maar ik kreeg een belangrijke uitleg: die schakelaar moet wel aangezet worden. Al schijnt er net zoveel zon als in de Saharawoestijn, als die schakelaar niet aan staat heb ik helemaal niets aan al die zonne-energie…

Terwijl ik erbij zat werd die schakelaar plechtig voor de eerste keer omgezet door de monteur. Heldere hemel, felle zon en wow…, er stroomde in een keer 4200 Watt energie naar de meterkast. Wat een feest!

Ik denk dat ik dit beeld niet verder uit hoef te werken. In welke stand staat de schakelaar van jouw zonnedak? Hoe verdrietig als deze schakelaar het grootste gedeelte van de tijd eigenlijk uitstaat omdat de gelovige het te druk heeft met andere dingen…

Laten we alsjeblieft leven volgens ‘de dienst van de Geest’. Laat het Nieuwe Verbond volop tot zijn recht komen. Zet die schakelaar van Gods licht en luister alsjeblieft aan en laat hem aanstaan! Ga volop profiteren van de ‘dienst van de Geest’. Ga baden in Gods licht en laat zijn luister en energie dagelijks stromen. Geniet van je onvoorstelbare schat, hoe klein, kwetsbaar en ordinair jij zelf als aarden pot ook mag zijn.

Dan zal je merken dat je dagelijkse intieme rustige omgang met God, beetje bij beetje op je karakter, handel, wandel en mentale instelling afwrijft.

Praktische vragen en suggesties

  1. Lijkt de praktijk van jouw geloofsleven het meest op het Oude Verbond of op het Nieuwe Verbond?

  2. Heeft de grote schat in jouw aarden pot de afgelopen vijf jaar afgewreven op je karakter, levenspraktijk en mentale gerichtheid? Kun je daar praktische voorbeelden van geven? Durf je aan je omgeving te vragen of zij dat ook zo zien?

  3. De boodschap van dit hoofdstuk zou een extreem grote invloed moeten hebben op ons gemeente-zijn. Als ik gelijk heb dat dit de kern van de Pinkster boodschap is, dan zou veel van wat we doen en plannen binnen de gemeente hierop gericht moeten zijn.
    Welke plannen, programma’s en onderdelen van de begroting van jouw gemeente staan rechtstreeks in het teken van het bevorderen van de regelmatige intieme omgang met God?

  4. Wordt er op een of andere manier binnen de gemeente structureel geëvalueerd of ‘de schapen’ ook groei vertonen op dit vlak?

  5. Overdenk eens de afgelopen week. Scheen de zon? Stond de schakelaar van jouw zonnedak aan of uit?

  6. Kijk jij regelmatig bewust ‘in de spiegel van Jezus’ gezicht’ terwijl je bidt? Zo ja, hoe doe je dat?
    Zo niet, wil je het leren? En hoe ga je dat leren dan aanpakken?

  7. Sta je regelmatig stil bij de onzichtbare, eeuwige ‘dingen van God’, inclusief de uiteindelijke vervulling van onze Christelijke hoop? Zo ja, hoe doe je dat concreet?
    Zo niet, wil je het leren? En hoe ga je dat leren dan aanpakken?

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.